Nieuws

   

Inhoud

 
   
   
Omzendbrief voor bio-landbouwers maart 2009 03/2009
   
   

Archief

 
   
   
Omzendbrief ontheffing gangbare voeders Wallonië september 2008 09/2008
Omzendbrief traaggroeiende rassen augustus 2008 08/2008
Omzendbrief voor bio-producenten juni 2008 06/2008
Omzendbrief voor bio-verwerkers juni 2008 06/2008
Omzendbrief voor bio-producenten december 2007 12/2007
Toegelaten additieven en hulpstoffen in de biologische productie 10/2007

Wijziging van de nieuwe EG verordening 834/2007 t.o.v. 2092/91

10/2007
Recente wijzigingen in de wetgeving of in controleaspecten - juni 2007
06/2007
Tijdelijke verhoging gangbare voeders in het rantsoen - februari 2007
02/2007
Omzendbrief voor bio-producenten - december 2006
12/2006
Omzendbrief voor bio-producenten - oktober 2006
10/2006
Omzendbrief voor verwerkers, verdelers, en importeurs - april 2006
04/2006
Omzendbrief voor verwerkers en importeurs - april 2006
04/2006
Omzendbrief voor bio-producenten - december 2005.
12/2005
Aan alle verkooppunten onder controle bij Integra, afdeling Blik.
04/2005
Omzendbrief voor bio-producenten - maart 2005.
03/2005
Omzendbrief voor bio-producenten - december 2004.
12/2004
Omzendbrief voor bio-importeurs en verwerkers - december 2004
12/2004
Wijziging in de Belgische lijst van erkende gewasbeschermingsmiddelen - maart 2004
03/2004

 

 

 

 

 

 

 

 


Omzendbrief voor bio-landbouwers - 03/2009

 

2009 is op komst, met als grootste verandering de nieuwe Europese wetgeving. In bijlage vindt u een uitgebreide informatiemap over deze nieuwe wetgeving, maar we willen u toch al een overzicht geven van de belangrijkste wijzigingen. Voor diepgaande info verwijzen we u graag naar de map, of u kan ons ook steeds contacteren voor een specifieke vraag.

De nieuwe wetgeving, aandachtspunten

•  De eerste en belangrijkste wijziging, de EU wetgeving stelt dat de lidstaten geen strengere eisen meer mogen opleggen aan hun bio bedrijven, tenzij deze eisen ook zouden gelden voor de niet bio bedrijven. Op die manier wordt het vrije verkeer van bio goederen binnen de EU gevrijwaard en wordt concurrentievervalsing tegen gegaan. Deze eis brengt heel wat wijzigingen met zich mee; een overzicht van de belangrijkste:

•  Varkenshouderij: geen verplichte beweiding meer voor zeugen; de staloppervlakten volgen nu de nieuwe EG verordening; per jaar mag men nu tot 20% jonge zeugen aankopen.

•  Rundveehouderij: aankoop gangbare kalveren tot de leeftijd van 6 maanden in plaats van 15 dagen.

•  Schapen & geiten : aankoop gangbare lammeren tot 60 dagen in plaats van 15 dagen.

•  Legkippen: de omschakelingsperiode is 6 weken, de veterinaire behandelingen en het bio voeder dient wel al voorzien te worden vanaf hun derde levensdag.

•  Ontheffingsbeleid; vroeger moest je voor heel wat zaken ontheffing aanvragen. In de nieuwe wetgeving is heel dit hoofdstuk herzien. Er wordt minder vaak over aanvraag ontheffing gesproken, maar je dient dan wel een gedocumenteerd bewijs te hebben waarom je bijv. een gangbare vaars gekocht hebt. Dit bewijs zal worden opgevraagd tijdens de controle. Voor andere zaken dien je eerst toelating te vragen aan de Vlaamse overheid, en zij zullen dan beslissen of u de ontheffing krijgt of niet. In bijlage vindt u een tabel met een overzicht van de belangrijkste zaken met de aanduiding of er al dan niet een ontheffing voor moeten worden aangevraagd. Wanneer er een ontheffing dient te worden aangevraagd, kan dit altijd via Blik gebeuren. Blik stuurt uw aanvraag dan door naar de overheid wanneer noodzakelijk.

•  Verplicht gebruik van het Europese logo op verpakte producten: Bij het logo dient ook de herkomstbenaming te staan, bijvoorbeeld “EU-landbouw”. EU mag ook vervangen worden door België indien de agrarische ingrediënten uit België komen uiteraard. Deze plaatsbenaming wordt verplicht vanaf 01/07/2010. Producten verpakt en geëtiketteerd voor 2009 mogen gewoon verkocht worden tot de voorraad is uitgeput. Verpakkingsmateriaal dat voldeed aan de vorige regelgeving, mag gebruikt worden tot 31/12/2011.

•  De vermelding van “Controle Blik” moet worden aangevuld of vervangen door“Controle BE-Bio-02” en dit bij herdruk van de etiketten en/of ten laatste op 01/07/2010.

•  Wanneer u een handeling wenst uit te voeren aan uw dieren, zoals onthoornen, dient dit te gebeuren onder verdoving en met toelating van de overheid. Uitzondering op deze regel is de castratie van biggen, de verdoving is in dit geval verplicht vanaf 31/12/2011.

•  Registraties bemesting/gewasbescherming: de verplichte registratie wordt uitgebreid, voor bemesting moet minstens de perceelsidentificatie, aard meststof, de hoeveelheid en de datum geregistreerd worden. Bij gewasbescherming dient minstens de datum, de reden van behandeling, aard van product en de toepassingsmethode geregistreerd te worden!

•  Voor de veeboeken blijven de eisen onveranderd, het gebruik van geneesmiddelen moet steeds op voorschrift en u dient minimum de zaken zoals vermeld op het toedienings -en verschaffingsdocument bij te houden.

•  Onveranderd, maar ter herinnering: bij elk gebruik van een traditioneel diergeneesmiddel, moet je een dubbele wachttijd respecteren, of als deze nul bedraagt, tenminste 48 uur. (dus ook voor ontworming, enz…)

•  Ook nog ter herinnering, de omschakelingsperiode van runderen voor de vleesproductie bedraagt 12 maanden EN tenminste ¾ van hun leven!

•  Voor legkippen mogen er nu maximaal 7 kippen per legnest zijn in plaats van 8! Of 120 cm² in geval van gemeenschappelijke nesten.

•  Voor alle pluimvee moet er een minimale donkere periode worden voorzien van 8 opeenvolgende uren.

•  De nieuwe wetgeving is nog maar net van kracht, of er is al een wijziging; het rantsoen van de dieren mag nu uit 100% in omschakelingsvoeder bestaan in plaats van 60%, op voorwaarde dat dit voeder afkomstig is van eigen bedrijf. Het maximale percentage aankoop van in omschakelingsvoeder blijft 30%.

Tarieven 2009

De nieuwe tarieven die van toepassing zijn voor 2009 vindt u in bijlage. Zoals u wellicht weet, het afgelopen jaar had de gehele economie te maken met stijgende prijzen en dus met een hoge indexering. Ook de tarieven voor de controle en certifiëring van bio landbouw ontsnappen niet aan deze algehele tendens. De tarieven kennen dan ook een verhoging (indexering) met 5,15 % t.o.v. vorig jaar. We willen u meegeven dat u voor dit tarief een compleet pakket aan dienstverlening ontvangt. Dit houdt uiteraard de jaarlijkse controle inclusief verplaatsings-, staalname- en analysekosten maar ook het beantwoorden van uw vragen in. Bovendien behelst dit ook die zaken die minder zichtbaar zijn zoals het opvolgen van uw dossier en van de geldende wetgeving, het overleg met de biologische sector en het ministerie, … Kortom met dit tarief kunnen wij u een kwaliteitsvolle dienstverlening blijven aanbieden. Voor meer info omtrent de besteding van uw bijdrage, verwijs ik u graag naar het document in bijlage “Kostenverdeling afdeling biologische productie, Integra”

Medewerkers Biologische landbouw

De afdeling bio-landbouw telt momenteel de volgende controleurs:

  • Marleen Delanoy
  • Bert De Caluwe
  • Riki Verbeeck
  • Jan Houben
  • Geoffroy Cornet
  • Nick Fransen
  • Jo Vander Roost
  • Geert Bleuzé

Voor vragen of opmerkingen kan u steeds bij uw controleur terecht. Geert is een nieuwe naam in het lijstje. Hij is regentaat land-en tuinbouw en hij is bij Integra actief als controleur voor de verschillende landbouwsystemen. Bert De Caluwe is naast controleur ook standardverantwoordelijke voor het systeem bio landbouw. Hij beheert het certifiëringssysteem in samenwerking met de coördinator biologische productie. Deze laatste functie wordt momenteel nog steeds opgenomen door Hilde Van Duffel, maar zal in de loop van 2009 overgedragen worden aan Annick Cnudde. Marina Sanders zorgt als certifiëringsmedewerker voor de technisch-administratieve opvolging van het gehele certifiëringsproces. Zij is ook verantwoordelijk voor het verlenen van ontheffingen.Dit team wordt ondersteund door Ann Geenen (administratie, facturatie) en andere medewerkers van Integra die o.a. zorgen voor de informatica-ondersteuning, het verzenden van stalen, het klasseren van talloze documenten en andere noodzakelijke activiteiten die zich achter de schermen van het controle- en certifiëringsgebeuren afspelen.

 

Andere certifiëringssystemen

Wij willen u er aan herinneren dat u bij ons ook terecht kan voor de volgende certifiëringssystemen:

•  GlobalGap (nieuwe naam voor EurepGap) – info bij Mira Verherbruggen

•  De goedgekeurde autocontrolegids IKKB – Vegaplan – info bij Mieke Van Damme

INTEGRA, erkend voor de sectorgids ‘Autocontrole in de Primaire Dierlijke Productie'

Vanaf nu kan elke landbouwer zich laten certifiëren voor de dierlijke productie volgens de erkende autocontrole sectorgids. Integra is als eerste certifiëringsinstelling erkend door het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen (FAVV) voor de sectorgids ‘Autocontrole in de Primaire Dierlijke Productie'.

U kunt zich dus nu zowel laten controleren voor de sectorgids Primaire Plantaardige Productie als Primaire Dierlijke Productie door ons en zo genieten van een korting op de controlekosten. Voorwaarde is dat de controle op hetzelfde moment uitgevoerd wordt.

Een ander voordeel van de certifiëring voor de autocontrole in de verschillende deelsectoren op uw bedrijf is de vermindering van de bijdrage die u jaarlijks betaalt aan het FAVV.


Bovendien krijgt u na een positief controleresultaat van Integra een certificaat dat 3 jaar geldig is. Concreet betekent dit dat u maar om de 3 jaar een controle krijgt en daarbovenop daalt de controlefrequentie door het Federaal Voedselagentschap.

Bent u geïnteresseerd in de controle van de dierlijke en/of plantaardige productie op uw bedrijf en wenst u een infopakket te ontvangen, dan kunt u bij ons terecht op (03) 287 37 60 of via mail: info@integra-bvba.be. Verantwoordelijke: Mieke Van Damme.

Dan rest er ons alleen nog u het allerbeste te wensen voor 2009. Dat het een vruchtbaar en succesvol jaar mag worden.

Vriendelijke groeten

Bert De Caluwe
Standardverantwoordelijke biologische landbouw
Integra, Afdeling Blik

 

Terug naar inhoudsopgave


Omzendbrief ontheffing gangbare voeders Wallonië - 09/2008

Langs deze weg willen wij u meedelen dat de uitzonderingsmaatregel op het voorziene percentage gangbare voeders in het rantsoen is verlengd tot 31/12/2008. Tot die datum mogen er voor runderen en schapen nog 5%, voor geiten 15% en voor éénmagigen 20% gangbare voerdermiddelen in het rantsoen zitten. Indien u van de verlenging van deze uitzonderingsmaatregel gebruik wil maken, dan dient u dit aan te vragen bij Blik.

Tot slot willen we bij deze ook nog even de personen werkzaam voor biologische productie even op een rijtje zetten.

Standardverantwoordelijke bio landbouw
Bert De Caluwe

Certifiëringsmedewerker bio landbouw
Marina Sanders

Controleurs bio landbouw
Geoffroy Cornet
Jan Houben
Jo Van der Roost
Marleen Delanoy
Nick Fransen
Riki Verbeeck
Bert De Caluwe

Terug naar inhoudsopgave


Omzendbrief traaggroeiende rassen - 08/2008

Graag hadden we u op de hoogte gebracht van enkele recente wijzigingen in de wetgeving. Het gaat om volgende punten:

1. slachtleeftijd vleeskippen

In de Europese regelgeving was een minimale slachtleeftijd van 81 dagen voorzien voor biologisch gehouden vleeskippen. Volgens de Europese regelgeving kon worden afgeweken van deze leeftijd als er gebruik gemaakt werd van traaggroeiende rassen.

Jarenlang werd er volgens Belgische interpretaties gewerkt die stelden dat een traaggroeiend ras “een ras is dat 81 dagen nodig heeft om slachtrijp te komen”. In de ons omringende landen kwamen echter steeds meer en meer kippenbedrijven die hun kippen geen 81 dagen dienden te houden, omdat ze werkten met een erkend traaggroeiend ras.

Het Vlaamse Ministerie van landbouw en visserij erkende deze problematiek, en heeft nu een lijst goedgekeurd met traaggroeiende rassen. Indien u kippen opzet van deze lijst, kan u uw kippen reeds slachten vanaf de leeftijd van 70 dagen. Uiteraard mag u uw kippen ook slachten op een oudere leeftijd, jonger kan echter niet. De volgende lijst is van toepassing en dit vanaf 01/09/2008.

  • SA51 x X44B (SASSO)
  • SA51 x XL44 (SASSO)
  • JA57 x I66C (HUBBARD)
  • Kabir 277 x GGKNN (KABIR)
  • Kabir 99 x GGKNN (KABIR)

2. percentage gangbare voeders in het rantsoen

De uitzonderingsmaatregel op het voorziene percentage gangbare voeders in het rantsoen is verlengd tot 31/12/2008. Tot die datum mogen er voor runderen en schapen nog 5%, voor geiten 15% en voor éénmagigen 20% gangbare voerdermiddelen in het rantsoen zitten. Indien u van de verlenging van deze uitzonderingsmaatregel gebruik wil maken, dan dient u dit aan te vragen bij Blik.

Tot slot willen we bij deze ook nog even de personen werkzaam voor biologische productie op een rijtje zetten.

Standardverantwoordelijke bio landbouw
Bert De Caluwe

Certifiëringsmedewerker bio landbouw
Marina Sanders

Controleurs bio landbouw
Geoffroy Cornet
Jan Houben
Jo Van der Roost
Marleen Delanoy
Nick Fransen
Riki Verbeeck
Bert De Caluwe

 

Terug naar inhoudsopgave


Omzendbrief voor bio-verwerkers - 06/2008

Het controlejaar 2008 is ondertussen alweer bijna halfweg en het leek ons dan ook een gepast moment om u op de hoogte te brengen van enkele veranderingen.

  • Certifiëringssysteem werd geoptimaliseerd

Integra, afdeling Blik, werkt sinds lange tijd volgens een intern kwaliteitssysteem, waarvoor wij zoals u misschien wel weet ook geaccrediteerd zijn door Belac. Binnen dit kwaliteitssysteem streven wij ernaar om niet alleen onze kwaliteit te behouden maar om deze ook voortdurend te verbeteren. Zowel Belac als het Ministerie van Landbouw zien hier trouwens op toe. De groei van Integra als organisatie noopt ons bovendien tot structurele en functionele aanpassingen in functie van de kwaliteit van onze werking.

Voorheen beschikte elke afdeling over een certifiëringsverantwoordelijke die voor bepaalde gevallen, in samenwerking met de certifiëringscommissie, het certifiëringsproces beheerde en de certifiëringsbeslissingen nam. De functie van de certifiëringsverantwoordelijke werd nu opgesplitst in een technisch-expertise functie, de standard verantwoordelijke, en een technisch-administratieve functie, de certifiëringsmedewerker. Zo wordt er vanaf heden niet meer gewerkt met een zogenaamde certifiëringscommissie, maar wordt er gewerkt met een volledig traceerbaar certifiëringssysteem waarbij de standard verantwoordelijke de certifiëringsbeslissing neemt en daarbij voor de technisch-administratieve zaken wordt bijgestaan door de certifiëringsmedewerker. Wanneer een afwijking bij een bepaald dossier aanleiding geeft tot een intrekking erkenning, dan wordt de coördinator biologische productie, en indien noodzakelijk ook iemand van het bestuur van Integra bij de certifiëringsbeslissing betrokken. Via deze methodiek zullen wij de certifiëringsdossiers nog nauwkeuriger kunnen opvolgen en zal er meer ruimte komen bij de standard verantwoordelijke voor technisch-inhoudelijke zaken, dat dan op zijn beurt de kwaliteit van onze controles ten goede zal komen.

Het sanctiereglement, dat een opbouwende structuur heeft en dat uniform is voor België (een unicum binnen Europa) blijft ongewijzigd.

Zoals u wellicht al ervaren hebt, worden er bij bepaalde afwijkingen sancties uitgesproken waarbij wij u om een verbetering, verandering of bevestiging vragen. Dit uiteraard met de bedoeling dat u zich terug in regel stelt met de wetgeving en dat u op die manier ook uw interne kwaliteit kan verbeteren. Om bestendiging of herhaling van een bepaalde afwijking en daarmee ook een opbouw van sancties te vermijden, zullen wij vanaf nu dit soort afwijkingen van dichter bij opvolgen. Indien u naar aanleiding van een afwijking een correctieve actie dient te ondernemen, dan zal dit duidelijk in de certifiëringsbrief die u van ons na de controle ontvangt, vermeld staan. U zal in de brief kunnen lezen wat u dient te ondernemen en tegen wanneer. Deze datum is zeer belangrijk, en u dient zich hier dan ook aan te houden. Indien een corrigerende actie immers te laat wordt ondernomen, dan zal dit aanzien worden als “herhaling” van de afwijking wat zal leiden tot een hogere sanctie (conform het sanctiereglement). Bij deze willen wij u dan ook oproepen om hiervoor de nodige aandacht te hebben.

  • Nieuwe toelichting bij de wetgeving

In bijlage vindt u een aangepaste versie van de toelichting bij de wetgeving voor verwerkers. De lijst met toegelaten additieven en technische hulpstoffen is immers opnieuw veranderd. Er zijn een aantal nieuwe additieven in opgenomen specifiek voor gelatineproductie.

  • Afdeling bio verwerking

We willen bij deze ook nog even de personen werkzaam voor de afdeling biologische verwerking op een rijtje zetten.

Standard verantwoordelijke bio verwerking :
Annick Cnudde

Certifiëringsmedewerkers bio verwerking :
Ellen Tavernier en Sabine Dekelver

Controleurs bio verwerking :
Anne Deylgat
Bart Bonroy
Ellen Tavernier
Jo Jacob
Rudi Jennes
Sabine Dekelver
Sanne Rom
Annick Cnudde

 

Terug naar inhoudsopgave


Omzendbrief voor bio-producenten - 06/2008

Hiermee willen we u op de hoogte brengen van enkele recente wijzigingen in de wetgeving of in controleaspecten. Het gaat om volgende punten:

1. Certifiëringssysteem werd geoptimaliseerd.

Integra, afdeling Blik, werkt sinds lange tijd volgens een intern kwaliteitssysteem, waarvoor wij zoals u misschien wel weet ook geaccrediteerd zijn door Belac. Binnen dit kwaliteitssysteem streven wij ernaar om niet alleen onze kwaliteit te behouden maar om deze ook voortdurend te verbeteren. Zowel Belac als het Ministerie van Landbouw zien hier trouwens op toe. De groei van Integra als organisatie noopt ons bovendien tot structurele en functionele aanpassingen in functie van de kwaliteit van onze werking.

Voorheen beschikte elke afdeling over een certifiëringsverantwoordelijke die voor bepaalde gevallen, in samenwerking met de certifiëringscommissie, het certifiëringsproces beheerde en de certifiëringsbeslissingen nam. De functie van de certifiëringsverantwoordelijke werd nu opgesplitst in een technisch-expertise functie, de standard verantwoordelijke en een technisch-administratieve functie, de certifiëringsmedewerker. Zo wordt er vanaf heden niet meer gewerkt met een zogenaamde certifiëringscommissie, maar wordt er gewerkt met een volledig traceerbaar certifiëringssysteem waarbij de standard verantwoordelijke de certifiëringsbeslissing neemt en daarbij voor de technisch-administratieve zaken wordt bijgestaan door de certifiëringsmedewerker. Wanneer een afwijking bij een bepaald dossier aanleiding geeft tot een intrekking erkenning, dan wordt de coördinator biologische productie, en indien noodzakelijk ook iemand van het bestuur van Integra bij de certifiëringsbeslissing betrokken. Via deze methodiek zullen wij de certifiëringsdossiers nog nauwkeuriger kunnen opvolgen en zal er meer ruimte komen bij de standard verantwoordelijke voor technisch-inhoudelijke zaken, dat dan op zijn beurt de kwaliteit van onze controles ten goede zal komen.

Het sanctiereglement, dat een opbouwende structuur heeft en dat uniform is voor België (een unicum binnen Europa) blijft ongewijzigd.

Zoals u wellicht al ervaren hebt, worden er bij bepaalde afwijkingen sancties uitgesproken waarbij wij u om een verbetering, verandering of bevestiging vragen. Dit uiteraard met de bedoeling dat u zich terug in regel stelt met de wetgeving en dat u op die manier ook uw interne kwaliteit kan verbeteren. Om bestendiging of herhaling van een bepaalde afwijking en daarmee ook een opbouw van sancties te vermijden, zullen wij vanaf nu dit soort afwijkingen van dichter bij opvolgen. Indien u naar aanleiding van een afwijking een correctieve actie dient te ondernemen, dan zal dit duidelijk in de certifiëringsbrief die u van ons na de controle ontvangt, vermeld staan. U zal in de brief kunnen lezen wat u dient te ondernemen en tegen wanneer. Deze datum is zeer belangrijk, en u dient zich hier dan ook aan te houden. Indien een corrigerende actie immers te laat wordt ondernomen, dan zal dit aanzien worden als “herhaling” van de afwijking wat zal leiden tot een hogere sanctie (conform het sanctiereglement). Bij deze willen wij u dan ook oproepen om hiervoor de nodige aandacht te hebben.

2. Wijzigingen in de bijlage B (toegelaten gewasbescherming).

a) Metaldehyde is sedert 31/03/2008 definitief verdwenen uit de lijst van toegelaten producten.

b) Spinosad is toegevoegd aan de lijst van toegelaten producten als “product geproduceerd door micro-organismen”. Dit product mag uiteraard niet door GGO geproduceerd zijn (denk aan de attesten!). Verder dien je rekening te houden met resistentie ontwikkeling en het doden van nuttige parasieten bij gebruik. U dient ook ontheffing aan Blik te vragen alvorens u dit product kan gebruiken.

c) Koperoctanaat is bij de toegelaten actieve koperverbindingen gevoegd. De beperkingen van hoeveelheid blijven ongewijzigd. Ook hiervoor dient u voorafgaande toestemming te vragen aan Blik.

d) Kaliumbicarbonaat is toegelaten als fungicide.

e) Ethyleen mag naast bloei-inductie bij ananassen nu ook gebruikt worden als kiemremmer bij uien en aardappelen. Ook hier dien je ontheffing aan te vragen bij Blik.

Tot slot willen we bij deze ook nog even de personen werkzaam voor biologische productie op een rijtje zetten.

Standard verantwoordelijke bio landbouw :
Bert De Caluwe

Certifiëringsmedewerker bio landbouw:
Marina Sanders (in opleiding)

Controleurs bio landbouw :
Geoffroy Cornet
Jan Houben
Jo Van der Roost (in opleiding)
Marleen Delanoy
Nick Fransen
Riki Verbeeck
Bert De Caluwe

 

Terug naar inhoudsopgave


Omzendbrief voor bio-producenten - 12/2007

We hebben 2007 uitgezwaaid, het was een jaar van extreme weersomstandigheden, hetgeen toch een sterke invloed heeft gehad op onze landbouwproductie, en zeker op een biologisch bedrijf. Maar 2008 is er, een nieuw jaar om aan te vatten met vernieuwde moed en inspiratie. Om 2008 goed in te zetten, hadden we u graag van volgende punten op de hoogte gebracht:

•  Het percentage bio in het rantsoen evolueert na 01/01/2008

In 2005 werd er in de Europese regelgeving een evolutie voorzien van het percentage aan bio voeders in de rantsoenen. Die evolutie ziet er als volgt uit: Het maximaal per periode van twaalf maanden toegestane percentage traditionele diervoeders is:

a) voor herbivoren: 5 % tijdens de periode van 25 augustus 2005 tot
en met 31 december 2007;

b) voor andere soorten:

  • 15 % tijdens de periode van 25 augustus 2005 tot en met 31 december 2007;
  • 10 % tijdens de periode van 1 januari 2008 tot en met 31december 2009;
  • 5 % tijdens de periode van 1 januari 2010 tot en met 31december 2011.

Deze percentages worden jaarlijks berekend als percentage van de droge stof van diervoeders van agrarische oorsprong. Het maximaal toegestane percentage traditionele voeders in het dagrantsoen moet, behalve tijdens de jaarlijkse transhumanceperiode van de dieren, berekend als percentage van de droge stof, 25 % bedragen.

Zoals u ziet, dient u na 01/01/2008 100% biologische voeders te gebruiken voor herbivoren, en 90% voor éénmagigen.

Maar, de Vlaamse overheid is er zich van bewust dat de oogsten van 2007 merkelijk slechter waren dan normaal en dat er daardoor een tekort is aan biologische grondstoffen. Om die reden is er een mogelijkheid gecreëerd om een ontheffing te krijgen op de hierboven vermelde percentages. De ontheffingsmodaliteiten zijn de volgende:

- enkel voor de periode 01/01/2008 tot 31/08/2008
- de ontheffing dient te worden aangevraagd bij Blik
- de lijst van gangbare voedermiddelen waarvoor u geen individueel tekort dient aan te tonen vindt u onderaan deze brief
- de minimumpercentages aan biologische ingrediënten in het rantsoen zijn als volgt vastgelegd:
- 95% voor herbivoren, behalve geiten
- 85% voor geiten
- 80% voor éénmagigen

Na 31/08/2008 worden de percentages zoals ze staan beschreven in de Europese regelgeving van kracht. (zie hoger)

Het is dus belangrijk dat u dan bij de bestelling van uw voeders duidelijk vermeld dat u geen gangbare voeders meer kan gebruiken voor herbivoren. Voor de eenmagigen is het belangrijk dat u aan uw leverancier vraagt om enkel voeders te leveren die minstens 90% biologische ingrediënten bevatten.

•  Oogst van percelen in omschakeling, nieuwe regeling

Tot en met 31 december 2008 mag gemiddeld maximaal 50 % van het voederrantsoen uit omschakelingsdiervoeders bestaan. Dit aandeel mag tot 80 % worden verhoogd indien de omschakelingsdiervoeders afkomstig zijn van een eenheid van het eigen bedrijf.

Met ingang van 1 januari 2009 mag gemiddeld maximaal 30 % van het voederrantsoen uit omschakelingsdiervoeders bestaan. Dit aandeel mag tot 60 % worden verhoogd indien de omschakelingsdiervoeders afkomstig zijn van een eenheid van het eigen bedrijf.

Het begrazen of de oogst van percelen blijvende voedergewassen of blijvend grasland die zich in het eerste omschakelingsjaar bevinden, mag maximaal 20 % van de totale gemiddelde hoeveelheid van de aan het vee vervoederde diervoeders vormen, op voorwaarde dat deze percelen van het eigen bedrijf zijn en tijdens de laatste vijf jaar geen deel hebben uitgemaakt van een biologische eenheid van dat bedrijf. Wanneer gebruik wordt gemaakt van zowel omschakelingsdiervoeders als diervoeders afkomstig van percelen die zich in het eerste omschakelingsjaar bevinden, mag het totale percentage van die diervoeders samen niet hoger zijn dan de in de eerste en de tweede alinea vastgestelde maximumpercentages. Deze percentages worden jaarlijks berekend als procent droge stof van diervoeders van agrarische oorsprong

•  Controleurs Biologische landbouw

De afdeling bio-landbouw telt momenteel volgende medewerkers:

  • Marleen Delanoy
  • Bert De Caluwe
  • Riki Verbeeck
  • Jan Houben
  • Geoffroy Cornet
  • Nick Fransen

Annick Cnudde zal geen landbouwcontroles meer doen in 2008. Ze zal zich binnen Integra volledig inzetten voor de afdeling verwerking, waarvan ze certificeringverantwoordelijke is geworden.

•  Tarieven 2008

De controlekosten voor 2008 kennen een kleine stijging van 1,30 % (indexering) t.o.v. de tarieven 2007. In de bijlage vindt u de tarieven voor 2008. We willen u kort nog even informeren over welke maatregelen we hebben genomen in 2007 om de kosten te verminderen; het gaat om volgende zaken:

- een volledige integratie van de perceelsgegevens van uw premieaanvraag. We hebben voor elke producent de premiegegevens genomen als basis voor onze certificaten. Op die manier zijn de betalingsproblemen als gevolg van verschillen tussen ons en het Ministerie zo goed als verdwenen.

- het gebruik van meer specifieke analysemethoden om de stalen te analyseren. Deze methodes zijn goedkoper en stellen ons in staat om ons controlekader uit te breiden.

- de ontwikkeling van onze nieuwe database, die is aangepast aan onze huidige behoeften. Deze database is sterk geautomatiseerd wat ons als voordeel geeft dat het administratieve werk nu veel efficiënter verloopt.

- de opleiding van onze controleurs in verschillende controle -en certificeringsystemen. Dit geeft als voordeel dat dezelfde mensen verschillende controles kunnen combineren, hetgeen ons een grote tijdswinst oplevert.

•  Andere certificeringsystemen

Met dit schrijven willen wij u er aan herinneren dat u bij ons ook terecht kan voor de volgende certifiëringssystemen:

GlobalGap (nieuwe naam voor EurpGap) – info bij mira.verherbruggen@integra-bvba.be

De goedgekeurde autocontrolegids IKKB – Vegaplan – info bij marleen.delanoy@integra-bvba.be


In de mate van het mogelijke kunnen wij u deze controles aanbieden in combinatie met uw controle bio landbouw, wat uiteraard een prijsvoordeel betekent. Voor verdere informatie kan u terecht op het centrale telefoonnummer waar u naar de betreffende persoon kan vragen, of op onze website.

Dan rest er ons alleen nog u het allerbeste te wensen voor 2008. Dat het een vruchtbaar en succesvol jaar mag worden.

Bijlage: Lijst van voeders waarvoor u geen individueel tekort dient aan te tonen

1° Tarwegluten;
2° Maïsgluten;
3° Moutkiemen;
4° Bierbostel;
5° Sojabonenkoeken;
6° Getoaste sojabonen;
7° Lijnzaad;
8° Lijnzaadkoek;
9° Aardappeleiwit;
10° Voederbiet;
11° Melasse;

12° Zeewier;
13° Levertraan, niet geraffineerd;
14° Suikerbietenpulp;
15° Maïskorrels;
16° Zonnebloemzaad;
17° Zonnebloemkoek;
18° Sorghumkorrels;
19° Poeders en plantenextracten;
20° Kruiden en specerijen.

 

Terug naar inhoudsopgave


Toegelaten additieven en technische hulpstoffen in de biologische productie.


Op 1 december 2007 wordt de gewijzigde Bijlage VI van de EG-Verordening 2092/91 van kracht*. Deze bijlage beschrijft alle toegelaten additieven en technische hulpstoffen die mogen gebruikt worden bij de bereiding van een biologische product. De wijziging van deze bijlage heeft voornamelijk gevolgen voor bereiders van zuivel- en vleesproducten en vruchtenwijnen. Wanneer u deze producten bereidt doet u er goed aan om onderstaande tabellen nader te bestuderen.

Opgelet:

Hoewel de additieven natriumnitriet en kaliumnitraat in de nieuwe lijst van toegelaten additieven staan, kunnen deze enkel gebruikt worden na individuele toestemming van de Vlaamse Overheid. Hiertoe moet u kunnen aantonen dat een technologisch alternatief dat dezelfde gezondheidsgaranties biedt en/of waarmee de specifieke kenmerken van het product kunnen worden behouden, niet voorhanden is. Bovendien kan er geen Biogarantie-logo gebruikt worden op producten waarin natriumnitriet of kaliumnitraat is verwerkt. Het Biogarantie-lastenboek verbiedt dit expliciet. De additieven Tragacanth (E413) en Karayagom (E416) zullen vanaf 1 december niet meer toegelaten zijn.

Ter herinnering, de additieven en technische hulpstoffen die momenteel mogen gebruikt worden vindt u terug in de toelichting van Integra, “Bijlage I :Toegelaten ingrediënten van niet-agrarische oorsprong, technische hulpstoffen en niet-biologisch geproduceerde ingrediënten van agrarische oorsprong”. Vanaf 1 december 2007 zal deze bijlage worden vervangen door de hiernavolgende bijlage.

  1. De nieuwe EG Verordening biologische productie

U hebt er vast al over gehoord, er komt een nieuwe EG verordening voor de biologische productie die de huidige EG verordening 2092 en haar ontelbare wijzigingen moet vervangen. Het eerste deel van deze nieuwe verordening werd reeds gepubliceerd. Het gaat over EG verordening 834/2007 en het geeft vooral het kader weer met o.a. de principes van de biologische landbouw. De implementatieregels die moeten beschrijven hoe u deze principes dan als bedrijf in de praktijk moet toepassen, die worden momenteel nog ontwikkeld. Het is de bedoeling om in grote lijnen de huidige implementatieregels te behouden zo als die momenteel in de annexen van EG 2092/91 beschreven zijn. De nieuwe verordening zal in voege gaan op 01/01/2009. U kan een samenvatting van deze verordening waarin vooral de verschillen t.o.v. de huidige verordening worden aangegeven, downloaden consulteren op onze website (ook bij nieuws) of indien u niet over Internet beschikt, bij ons aanvragen. Voor verdere inlichtingen omtrent deze brief kan u steeds bij uw controleur terecht.

* VERORDENING (EG) Nr.780/2006 VAN DE COMMISSIE van 24/05/06 tot wijziging van bijlage VI bij Verordening (EEG) nr. 2092/91 van de Raad inzake de biologische productiemethode en aanduidingen dienaangaande op landbouwproducten en levensmiddelen

[ Bijlage I :Toegelaten ingrediënten van niet-agrarische oorsprong, technische hulpstoffen en niet-biologisch geproduceerde ingrediënten van agrarische oorsprong.]

 

Terug naar inhoudsopgave


Wijziging van de nieuwe EG verordening 834/2007 t.o.v. 2092/91

Algemeen

De nieuwe EG verordening 834/2007 is in de eerste plaats een kader tekst. De wetteksten ter implementatie van de normen dienen nog ontwikkeld te worden. Hiervoor wordt in de huidige wettekst steeds verwezen naar art 37, dat op zijn beurt verwijst naar het Besluit 1999/468/EG. De commissie zal voor de ontwikkeling van de regelgeving nog steeds zoals voordien worden bijgestaan door een comité dat bestaat uit vertegenwoordigers van de lidstaten. Echter de procedure en de bevoegdheden van dit comité wijzigen in die zin dat er een beperking wordt gesteld op de termijn die toegelaten is om een beslissing te nemen over een voorstel van de commissie. Deze termijn wordt op 3 maanden gesteld. Op deze manier hoopt de commissie het beheer van de regelgeving biologische landbouw te verbeteren. Anderzijds wordt de inputmogelijkheid voor stakeholders door deze termijn beperkt.

In de huidige kadertekst is nu al voorzien dat de volgende uitvoeringsbepalingen in samenwerking met dit regelgevend comité zullen bepaald worden:

•  De bepalingen i.v.m. productievoorschriften, t.t.z. de specifieke eisen en voorwaarden die de marktdeelnemers dienen na te leven. Hiertoe behoren o.a. de maatregelen voor het uitvoeren van het verbod op het gebruik van GGO's en met of door GGO's geproduceerde producten. Ook de lijsten van toegelaten producten en stoffen die in de landbouw en de verwerking mogen gebruikt worden, zoals gewasbeschermingsmiddelen, meststoffen en niet-biologische voedermiddelen enerzijds en additieven, technische hulpstoffen en niet-biologische ingrediënten anderzijds, zullen volgens deze procedure bepaald worden.

•  De specifieke etiketteringvoorschriften voor biologisch veevoeder, omschakelingsproducten van plantaardige oorsprong en vegetatief teeltmateriaal en zaaizaad.

•  De uitvoeringsbepalingen ivm het in deze kadertekst vastgelegde controlesysteem, o.a. i.v.m. minimale controle-eisen, supervisie en de criteria voor de erkenning en intrekking van erkenning van controle organisaties zoals Integra, afd. Blik.

•  De uitvoeringsbepalingen i.v.m. de vastgestelde voorschriften voor invoer uit derde landen.

•  De voorschriften voor het vrije verkeer van biologische producten en het verstrekken van informatie aan de commissie.

Toepassingsgebied en definities

Het toepassingsgebied van deze verordening is verruimd t.o.v. de vorige . Nu vallen ook de volgende aspecten onder het toepassingsgebied:

•  Aquacultuur

•  Gist dat als levensmiddel of diervoeder gebruikt wordt

•  Wijnbouw

Deze nieuwe verordening stelt duidelijk dat restaurants en grootkeukens niet onder het toepassingsgebied vallen . Hierover kan dus geen discussie meer zijn. De verordening geeft wel expliciet de ruimte aan de nationale overheden of aan private organisaties om normen op te stellen voor restaurants en grootkeukens. Daarnaast wordt ook duidelijk gesteld dat producten van jacht en visserij op in het wild levende dieren niet als biologische producten worden beschouwd .

Doelstellingen en beginselen voor biologische productie

Dit hoofdstuk biedt een duidelijke meerwaarde t.o.v. de vorige verordening. Hier wordt duidelijk opgelijst wat de doelstellingen en de beginselen van de biologische productie zijn. Deze stellingen kunnen dan later gebruikt worden om nieuwe toepassingen en evoluties te toetsen, om dan op een gestructureerde manier te kunnen beslissen of iets al dan niet toegelaten kan worden in de biologische productie. Er zijn algemene beginselen maar ook specifieke beginselen voor landbouw, verwerking van levensmiddelen en verwerking van diervoeders.

Productievoorschriften

Algemene productievoorschriften

GGO's

In dit onderdeel is het verbod op het gebruik van GGO's opgenomen. Het feit dat GGO's en met of door GGO's geproduceerde producten niet mogen gebruikt worden in de biologische productie blijft expliciet vermeld. Rond dit thema is echter heel veel discussie geweest omdat er nu verwezen wordt naar de algemene regelgeving i.v.m. GGO's. Er wordt immers expliciet gesteld dat de marktdeelnemer bij de ontvangst van een grondstof voor gebruik in een biologisch product zich mag baseren op de etikettering i.v.m. de aanwezigheid van GGO's. De gangbare regelgeving stelt dat etikettering van GGO's pas verplicht is vanaf een concentratie van 0,9 %. Dit wil zeggen dat er een mogelijkheid wordt geschept voor de input van GGO's via contaminatie in grondstoffen tot een concentratie van 0,9 %. Dit wordt door vele spelers in de biologische productie als een groot onrecht beschouwd. Anderzijds betekent dit wel dat er geen aparte keten van GGO vrije gangbare grondstoffen geschikt voor biologische productie moet worden ontwikkeld. Wat uiteraard een voordeel is in de praktijk.

Landbouwproductie

Zeewier

In dit hoofdstuk wordt ook de mogelijkheid geboden om de vergaring van wild zeewier en het kweken van zeewier onder bepaalde voorwaarden als een biologische productiemethode te beschouwen.

Veehouderij

In de nieuwe verordening wordt expliciet geëist dat het personeel dat de dieren verzorgt, beschikt over de nodige basiskennis en vaardigheden wat de gezondheid en de welzijnsbehoeften van de dieren betreft. Ten aanzien van het voederen wordt er expliciet gesteld dat synthetische aminozuren niet mogen worden gebruikt.

Aquacultuurdieren

Er is een heel hoofdstuk opgenomen dat voorziet in de productievoorschriften voor aquacultuurdieren. De hele inhoud van dit hoofdstuk is nieuw t.o.v. de huidige verordening .

Toelatingscriteria voor producten en stoffen die in de landbouw worden gebruikt

In dit hoofdstuk werden duidelijke criteria opgenomen die zullen gebruikt worden bij het opstellen van de lijst van toegelaten producten. Nieuw is ook dat er ook een lijst van producten voor het schoonmaken en ontsmetten van gebouwen en installaties voor plantaardige productie zal worden opgesteld. Zo'n lijst bestond reeds voor gebouwen voor dierlijke productie en die zal er dus ook in de toekomst nog zijn.

Productie van verwerkt diervoeder

In deze nieuwe verordening werd een vereiste opgenomen die in België reeds bestond via het MB dierlijke productie. Het gaat om het feit dat voedermiddelen die worden gebruikt voor of verwerkt in de biologische productie, niet zijn verwerkt met behulp van door chemische synthese verkregen oplosmiddelen. Dit is dan toch weer een stap in de richting van Europese harmonisering.

Er wordt ook expliciet de mogelijkheid geboden om biologische voeders nog in dezelfde productie eenheid te produceren als niet biologische voeders, uiteraard onder voorwaarde van scheiding in ruimte of tijd. In de huidige wetgeving zou deze mogelijkheid aflopen eind 2007. Er zal dus een overgangsregeling getroffen worden voor het jaar 2008.

Productie van verwerkte levensmiddelen

Productie van biologische gist

Er werd een totaal nieuw artikel in opgenomen dat de algemene voorschriften inzake de productie van biologische gist vermeld.

Toelatingscriteria voor het gebruik van bepaalde producten en stoffen bij de verwerking

Er werden ook duidelijke criteria opgenomen voor producten die bij de verwerking mogen toegepast worden. Deze criteria zullen gebruikt worden bij het opstellen van de lijst van toegelaten producten, meerbepaald additieven, technische hulpstoffen en niet-biologische grondstoffen. In principe blijven de producten die momenteel en vanaf 1-12-2007 toegelaten zijn, behouden.

Flexibiliteit

Dit is qua structuur gezien een totaal nieuw hoofdstuk want het groepeert alle mogelijke ontheffingspistes in één artikel . Er zijn 8 mogelijke redenen gedefinieerd die kunnen aanleiding geven tot flexibiliteit of ontheffingen. Inhoudelijk nieuw is dat men de mogelijkheid geeft om ontheffing te geven voor het gebruik van bepaalde additieven of technische hulpstoffen om de productie van welbekende levensmiddelen in biologische vorm te garanderen. Ook wordt de mogelijkheid geschapen om ontheffing te geven voor het gebruik van additieven en technische hulpstoffen die met of door GGO's geproduceerd werden, in levensmiddelen en voedermiddelen indien deze niet beschikbaar zijn in een vorm die niet met of door GGO's geproduceerd werd.

Etikettering

Het gebruik van termen die verwijzen naar biologische productie

De voorwaarden om een product “biologisch” te noemen zijn gelijkaardig aan de huidige voorwaarden. Echter om de term “biologisch” in de ingrediëntenlijst te gebruiken zijn de voorwaarden toch wel veranderd in opmerkelijke zin.

•  Een product met ten minste 95 % biologische ingrediënten van agrarische oorsprong, mag in de verkoopsbenaming de term “bio” of “biologisch” of een gelijkaardige term gebruiken. De gebruikte additieven, technische hulpstoffen en niet-biologische ingrediënten moeten op de lijsten van toegelaten producten voorkomen.

•  Een product met minder dan 95 % aan biologische ingrediënten van agrarische oorsprong, mag de term “bio” of “biologisch” of gelijkaardig enkel in de ingrediëntenlijst gebruiken. De additieven en technische hulpstoffen die gebruikt worden, zijn opgenomen op de positieve lijst. De niet-biologische ingrediënten mogen eender welk ingrediënt zijn. Dit is dus een opmerkelijke verandering t.o.v. de huidige wetgeving waar het gebruik van de term “bio” in de ingrediëntenlijst slechts is toegelaten voor producten met tussen 95% en 75 % aan biologische ingrediënten van agrarische oorsprong. Bovendien moeten volgens de huidige wetgeving de niet-biologische ingrediënten eveneens vermeld zijn op de positieve lijst, wat dus volgens de nieuwe regelgeving niet meer noodzakelijk zal zijn.

•  Een product mag de term “bio” of “biologisch” of gelijkaardig in de lijst van ingrediënten EN in hetzelfde gezichtsveld als de verkoopbenaming gebruiken op voorwaarde dat:

•  Het hoofdingrediënt een product van jacht of visserij is

•  Het andere ingrediënten van agrarische oorsprong bevat, die alle biologisch zijn

•  De additieven en technische hulpstoffen voorkomen op de lijst van toegelaten producten. De niet-biologische ingrediënten van agrarische oorsprong moeten niet op de lijst van toegelaten producten voorkomen.

Verplichte aanduidingen

•  Volgens de huidige regelgeving mocht u om de controle organisatie op het etiket aan te duiden gebruik maken van de naam en/of het codenummer van de organisatie. Volgens de nieuwe regelgeving bent u verplicht om het codenummer te gebruiken . U bent vrij om daarnaast ook de naam van de controleorganisatie te vermelden.

•  Op voorverpakte levensmiddelen is het verplicht om het communautaire (Europese) logo aan te brengen. Omdat er redelijk wat weerstand is t.o.v. het huidige Europese logo, zal er een nieuw logo worden ontwikkeld . In hetzelfde gezichtsveld als het logo dient ook de plaats vermeld te worden waar de agrarische grondstoffen geteeld zijn. Dit gebeurt onder de volgende vorm:

•  “EU Landbouw” wanneer de agrarische grondstoffen in de EU geteeld zijn

•  “niet EU-Landbouw” wanneer de agrarische grondstoffen in derde landen geteeld zijn

•  “EU/niet-EU Landbouw” wanneer een deel van de agrarische grondstoffen in de EU en een ander deel in een derde land geteeld is.

Deze vermeldingen mogen vervangen of aangevuld worden met een landnaam wanneer alle agrarische grondstoffen in dat land geteeld zijn. Het gebruik van het Europese logo is facultatief voor uit derde landen ingevoerde producten.

Logo's voor biologische producten

Het Europese logo wordt niet gebruikt op producten en levensmiddelen “in omschakeling”. De mogelijkheid tot het gebruik van nationale en particuliere logo's wordt expliciet vermeld.

Controles

Controlesysteem

Wat uitdrukkelijk nieuw is, is de verwijzing naar de EG verordening 882/2004 i.v.m. het verplicht opzetten van een controlesysteem door de lidstaten. Deze verordening handelt in het algemeen en meer specifiek over het opzetten van het controlesysteem in functie van voedselveiligheid. In deze verordening zijn o.a. een aantal algemene voorwaarden opgenomen om controletaken aan een controleorgaan te delegeren. Zo wordt ook de accreditatie volgens de norm EN45011 of ISO Guide 65 verplicht voor controleorganisaties. Het certificaatnummer van Integra voor deze norm is 103 PROD. Volgens de huidige regelgeving moesten de controle organisaties volgens deze norm werken, maar werd er niet expliciet een accreditatie geëist. (In België werd dit wel reeds geïnterpreteerd dat een accreditatie verplicht was, het certificaatnummer voor keuringsinstellingen van Integra is 103-INSP ). Op deze manier wenst men alle controlesystemen binnen de Europese Gemeenschap op een zelfde manier te organiseren. Ook wordt er voor het eerst verwezen naar een risicobeoordeling voor de bepaling van de aard en frequentie van de controles. De verplichte minimale frequentie van 1 controle per jaar per bedrijf blijft behouden, behalve voor groothandelaren van voorverpakte producten en verkooppunten die aan de eindconsument verkopen. Ook wordt er in deze verordening expliciet verwezen naar de algemeen geldende traceerbaarheidsplicht en het controlesysteem moet deze traceerbaarheid mogelijk maken.

Deelname aan het controlesysteem

De lijst van marktdeelnemers die controleplichtig zijn blijft onveranderd t.o.v. de huidige wetgeving: elke marktdeelnemer die biologische producten produceert, verwerkt, opslaat of ut een derde land invoert, of die dergelijke producten in de handel brengt moet zich onder controle stellen van een erkend controle organisme zoals Integra, afd. Blik. Nieuw is dat de verplichte controle voor “exporteurs” werd toegevoegd . Ook onderaannemers en verdelers onder eigen naam (private label houders) blijven controleplichtig. De uitzonderingsmogelijkheid die door de lidstaat moet beslist worden voor verkooppunten blijft behouden.

Bewijsstukken

Voor het eerst wordt er expliciet vermeld dat er wel degelijk een bewijsstuk van certifiëring (certificaat) moet zijn. Er wordt bovendien ook vastgesteld welke zaken dit certificaat minimaal moet vermelden. Nieuw is dat expliciet vermeld wordt dat elke marktdeelnemer verplicht is om het certificaat van zijn leveranciers te verifiëren.

Handelsverkeer met derde landen

De import van biologische producten uit derde landen werd onlangs reeds met een nieuwe regelgeving gewijzigd. Echter momenteel zitten we nog in een overgangsregeling. Vanaf januari 2009 zal waarschijnlijk het nieuwe systeem van toepassing worden. Dit systeem voorziet verschillende mogelijkheden om een product uit een derde land te importeren.

Optie 1: Invoer van overeenstemmende producten.

Het product in het derde land werd doorheen de hele keten gecertificeerd op basis van de Europese regelgeving voor biologische productie. De controle en certifiëring werd uitgevoerd door een organisatie die hiervoor door de Europese commissie erkend werd.

Optie 2: Invoer van producten van gegarandeerde gelijkwaardigheid

Het product werd in het derde land geproduceerd volgens productievoorschriften die “gelijkwaardig” zijn met die van de Europese regelgeving. De hele keten werd onderworpen aan een gelijkwaardig controlesysteem en voor het product werd door de controleorganisatie in het derde land een “controle certificaat” (partijcertificaat) uitgeschreven dat het product vergezelt.

Deze gelijkwaardige producten zijn ofwel afkomstig van een derde land dat erkend werd door de Europese commissie of zijn gecertifieerd door een controle organisatie erkend door de Europese Commissie.

Slot- en overgangsbepalingen

Er wordt in de nieuwe verordening expliciet melding gemaakt van het feit dat het vrij verkeer van biologische goederen niet mag belemmerd worden . De lidstaten mogen enkel strengere voorschriften op de biologische plantaardige teelt en de biologische veehouderij toepassen, mits die voorschriften ook gelden voor de niet-biologische productie. Dit is uiteraard een belangrijke stap naar de algehele harmonisatie van de biologische regelgeving in Europa. Ook België zal dus afstand moeten nemen van het huidige MB dierlijke biologische productie. De nieuwe Europese regelgeving kan uiteraard geen verbod opleggen m.b.t. de normering van privé logo's, zoals bv. het Biogarantie logo. Ook de normen die buitenlandse privé logohouders, zoals Soil Association in het Verenigd Koninkrijk opleggen, zullen blijven bestaan.

 

Terug naar inhoudsopgave


Recente wijzigingen in de wetgeving of in controleaspecten - 06/2007

We willen u met deze op de hoogte brengen van enkele recente wijzigingen in de wetgeving of in controleaspecten. Het gaat om volgende punten:

1. Het rantsoen van biologische dieren mocht tot op heden uit 30% in omschakelingsvoeders bestaan, zelfs tot 60% indien deze op het eigen bedrijf werden geproduceerd. Naar aanleiding van het tekort aan biologische grondstoffen voor dierenvoeders heeft de Europese Unie gekozen om deze percentages te verhogen. Het percentage gangbare voeders blijft ongewijzigd. Dit om de omschakeling naar biologische landbouw, voornamelijk voor akkerbouwers, te stimuleren.
De nieuwe regeling is als volgt; tot 31/12/2008 mag het rantsoen uit 50% in omschakelingsvoeders bestaan, verhoogd tot 80% indien deze van het eigen bedrijf afkomstig zijn.
Na deze datum wordt de oude regeling terug van kracht.

2. Er is sinds kort een basisprincipe vastgelegd dat bepaalt vanaf wanneer u als landbouwer-thuisverwerker ook apart onder controle dient te komen als verwerker. Vanuit de overheid is er vastgelegd dat thuisverwerkers apart onder controle dienen te komen vanaf het moment ze NIET enkel hun eigen basisingrediënten verwerken, maar deze ook aankopen.

Een ingrediënt is een basisingrediënt vanaf
- het meer dan 40% deel uitmaakt van het eindproduct of
- het in meer dan vier door u geproduceerde eindproducten voorkomt.
Als u dus, op een bepaald moment, een ingrediënt aankoopt dat voldoet aan één van de hierboven vermelde criteria, dient u apart aan te sluiten als verwerker.

3. Sedert vorig jaar is de sectorgids primaire plantaardige productie goedgekeurd door het FAVV. Dit kan een gevolg hebben voor uw bedrijf; daarom hadden wij u graag wat verder geïnformeerd hierover en dit door middel van een bijlage bij deze brief. Voor verdere vragen aangaande de sectorgids, mag u steeds marleen.delanoy@integra-bvba.be contacteren.

Voor eventuele vragen mag u steeds de certifiëringsverantwoordelijke bio-landbouw bert.de.caluwe@integra-bvba.be contacteren.

 

Terug naar inhoudsopgave


Tijdelijke verhoging gangbare voeders in het rantsoen - 02/2007

Als gevolg van de extreme weersomstandigheden in 2006 is de oogst van biologische voedergewassen erg tegengevallen. Door deze tegenvallende oogst treedt er nu een tekort op in het aanbod van biologische grondstoffen voor dierenvoeders.

Om dit tekort op te kunnen vangen heeft de Vlaamse overheid de mogelijkheid voorzien om het aandeel gangbare voeders in het rantsoen tijdelijk te verhogen. Voor de periode van 07/02/2007 tot 31/08/2007 is het toegelaten om 15% gangbare voeders in het rantsoen van de herkauwers te gebruiken en tot 20% in het rantsoen van de éénmagigen.

Om van deze uitzondering gebruik te kunnen maken, dient u als veehouder aan Blik te melden welk voeder u wenst te gebruiken en voor welke diersoort.
U diende sowieso al een ontheffing aan te vragen voor het gebruik van gangbare veevoeders, u kan deze beide aanvragen dan ook combineren.
Voor de volgende voeders krijgt u deze uitzondering zonder dat u dient aan te tonen dat ze niet onder biologische vorm beschikbaar zijn.

1° Tarwegluten;
2° Maïsgluten;
3° Moutkiemen;
4° Bierbostel;
5° Sojabonenkoeken;
6° Getoaste sojabonen;
7° Lijnzaad;
8° Lijnzaadkoek;
9° Aardappeleiwit;
10° Voederbiet;
11° Melasse;

12° Zeewier;
13° Levertraan, niet geraffineerd;
14° Suikerbietenpulp;
15° Tarwekorrels;
16° Gerstekorrels;
17° Triticalekorrels;
18° Maïskorrels;
19° Zonnebloemzaad;
20° Zonnebloemkoek;
21° Sorghumkorrels.

 

Indien u een voeder wil gebruiken dat niet in deze lijst staat, dient u wel zelf het tekort aan te tonen aan Blik.
Voor eventuele vragen mag u ons steeds contacteren.

 

Terug naar inhoudsopgave


Omzendbrief voor bio-producenten - 12/2006

Het einde van 2006 is in zicht, het was een jaar van extreme weersomstandigheden, hetgeen toch een sterke invloed heeft gehad op onze landbouwproductie, en zeker op een biologisch bedrijf. Maar 2007 is in zicht, een nieuw jaar om aan te vatten met vernieuwde moed en inspiratie. Om 2006 af te sluiten hadden we u graag nog van volgende punten op de hoogte gebracht:

Onze vernieuwde toelichtingen zijn beschikbaar

In de loop van 2006 heeft u van ons een aantal omzendbrieven ontvangen waarin we u informeerden over wijzigingen aan de regelgeving of de interpretaties van deze regelgeving. Al deze wijzigingen zijn geïntegreerd in onze nieuwe toelichtingen. U kunt deze downloaden van onze website of op eenvoudig verzoek via de post.

ontheffingen zaaizaad in 2007

U heeft ondertussen de omzendbrief van de Vlaamse Gemeenschap ontvangen waarin het nieuwe beleid aangaande ontheffingen haarfijn staat uitgelegd. In bijlage vindt u onze vernieuwde aanvraagformulieren voor het bekomen van een ontheffing. Indien u nog vragen heeft over de nieuwe documenten, kan u contact opnemen met Bert De Caluwe.

Controleurs Biologische landbouw

De afdeling bio-landbouw telt momenteel volgende medewerkers:

•  Annick Cnudde

•  Bert De Caluwe

•  Riki Verbeeck

•  Jan Houben

•  Geoffroy Cornet

•  Nick Fransen


Tarieven 2007

De controlekosten voor 2007 kennen een kleine stijging van 1,78 % (indexering) t.o.v. de tarieven 2006. In de bijlage vindt u de tarieven voor 2007.

Andere certificeringsystemen

Met dit schrijven willen wij u er aan herinneren dat u bij ons ook terecht kan voor de volgende certifiëringssystemen:

EurepGap – info bij Mira Verherbruggen

De goedgekeurde autocontrolegids IKKB – Vegaplan – info bij Gerrit De Weerdt

In de mate van het mogelijke kunnen wij u deze controles aanbieden in combinatie met uw controle bio landbouw, wat uiteraard een prijsvoordeel betekent. Voor verdere informatie kan u terecht op het centrale telefoonnummer waar u naar de betreffende persoon kan vragen, of op onze website www.integra-bvba.be.

Dan rest er ons alleen nog u het allerbeste te wensen voor 2007. Dat het een vruchtbaar en succesvol jaar mag worden.

 

Terug naar inhoudsopgave


Omzendbrief voor bio-producenten - 10/2006

Nu de drukke oogstperiode wat achter de rug is, heeft u vast wat meer tijd te uwer beschikking om de
Integra post te lezen. Daarom hadden we graag van de gelegenheid gebruik gemaakt om u volgende
zaken mee te delen:


1. Sedert juli 2006 heeft het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap beslist een algemene
ontheffing te geven aan de Vlaamse producenten om de synthetische vitaminen A, D en E te
gebruiken in het rantsoen van herkauwers. Voorwaarde blijft wel dat deze vitaminen identiek zijn
aan de natuurlijke vitaminen.
Een voorafgaande toestemming van het Ministerie of van Blik is niet noodzakelijk.

2. Sinds september is er weer ophokplicht voor pluimvee in de gevoelige gebieden. Als u met uw
pluimveebedrijf in een gebied ligt waar er ophok– of afschermplicht is, bent u verplicht om de
dieren op stal te voorzien van biologisch ruwvoer. Dit ruwvoer mag vers, gedroogd of ingekuild
zijn. Deze verplichting wordt al mee gecontroleerd tijdens de bedrijfscontroles, dus gelieve
hiermee als pluimveehouder rekening te houden.

3. De mogelijkheid om een ontheffing aan te vragen tot aankoop van gangbare biggen voor de
fokkerij ter vernieuwing van de veestapel is sedert 31/07/2006 weggevallen. Deze ontheffing is
dus niet meer mogelijk. Er kunnen wel nog gangbare biggen worden aangekocht na ontheffing bij
de allereerste samenstelling van een veestapel. Ook de mogelijkheid om gangbare zeugen aan te
kopen tot 10% van de volwassen veestapel blijft ook bestaan, uiteraard na voorafgaande
ontheffing van Blik.

4. Tot slot kunnen we u meedelen dat er sedert dit voorjaar een nieuwe controleur actief is bij
Integra die ook controles uitvoert bij biologische producenten, zijn naam is Nick Fransen. Voor
vragen kan u zich vanaf nu dus ook richten tot Nick.

Om in dezelfde optiek te blijven willen we u ook melden dat onze collega Yessie Meyer, na zeven
jaar bij Integra te hebben gewerkt ons gaat verlaten en dit vanaf 1 januari 2007. Yessie heeft een
nieuwe uitdaging gevonden in het buitenland. De dossiers die Yessie behandelde zullen uiteraard
worden overgenomen door een andere controleur. We willen haar uiteraard ook bedanken voor
de afgelopen jaren, ze is een fijne collega en wensen haar daarom ook heel veel succes met haar
nieuw beroep.


Voor eventuele vragen mag u ons steeds contacteren.

 

 

Terug naar inhoudsopgave


Omzendbrief voor verwerkers, verdelers, en importeurs- 04/2006

Tarieven 2006

De controlekosten voor 2006 kennen een kleine stijging van 2,25% (indexering) t.o.v. de tarieven 2005. In de bijlage vindt u de tarieven voor 2006.
Met dit schrijven willen we van de gelegenheid gebruik maken om u even te verduidelijken wat er met uw bijdrage gebeurt. In de tarieven zelf, onder het punt “Betalingsvoorwaarden en algemene condities” vindt u vanaf dit jaar duidelijk vermeld wat er in uw bijdrage inbegrepen is. Daarnaast wil ik u ook informeren over de inspanningen die wij leveren binnen de biologische sector. Er is het regelmatige overleg met het Ministerie van Landbouw en de actoren van de biologische sector en het tussentijdse overleg tussen de controle organisaties en de overheden van de verschillende regio’s. Bovendien is Integra, afdeling Blik ook actief binnen de overlegstructuur van de koepel Bioforum vzw, en dit zowel op Vlaams, Waals als op Nationaal niveau. De overlegvergaderingen gaan o.a. over de evolutie van de wetgeving en het certifiëringssysteem. Uw bijdrage gaat dus ook voor een deel naar het noodzakelijke overleg met de overheden, beroepsorganisaties en de overheid. Dit laat ons toe om een constructieve bijdrage te leveren in de evolutie van de wetgeving en als eerste op de hoogte te zijn van eventuele wetswijzigingen. Zodoende kunnen wij u ook op tijd en stond hierover informeren en u dus een betere service verlenen.

Gebruik van niet biologische voedermiddelen

Dit najaar besliste de Vlaamse overheid op vraag en in samenspraak met de sector om voor het gebruik van niet biologische voedermiddelen af te stappen van de Belgische lijst van gangbare voedermiddelen zoals voorzien in het MB dierlijke productie en over te gaan op de langere Europese lijst van toegelaten gangbare voedermiddelen. Op het niveau van de veevoederfabrikant was deze Europese lijst reeds van toepassing. Deze beslissing betekent dat de Vlaamse landbouwers, mits een ontheffingsaanvraag en toestemming door de controleorganisatie, nu ook gebruik kunnen maken van deze uitgebreidere Europese lijst.

Controle van opslag en verdeling van biologische producten

We informeerden u reeds in twee omzendbrieven dit jaar over een wijziging in de wetgeving. Deze wijziging houdt in dat sinds 1 juli 2005 verdeling en stockage zowel van voorverpakte producten als van bulkproducten controleplichtig zijn. U dient hiermee rekening te houden in het kader van uw eigen activiteiten en dus ook bij de aankoop van grondstoffen. Indien u bijvoorbeeld voorverpakte grondstoffen aankoopt bij een verdeler dan dient die verdeler hiervoor gecertifieerd te zijn. Meer informatie hieromtrent vindt u in ons rondschrijven van augustus van dit jaar waarbij u ook de vernieuwde toelichting en handleiding ontvangen hebt.

BioFach 2006

In het voorjaar van 2006 (16-19 februari 2006) vindt de jaarlijkse BioFach beurs plaats te Nürnberg (Duitsland). Zoals u wellicht weet, is BioFach wereldwijd de grootste vakbeurs voor de biologische sector. Ook dit jaar zal Integra aanwezig zijn met een beursstand, waar wij u uiteraard van harte zullen verwelkomen.

Controleurs

Om een aantal afwezigheden (o.a. door zwangerschapsverlof) op te vangen, hebben wij dit najaar een nieuwe controleur bio verwerking ingeschakeld. Het gaat om Bart Bonroy die reeds langer bij Integra actief is als auditor in voedselveiligheids systemen voor de verwerkende sector zoals GMP veevoeders, BRC, IFS en Autocontrole.

De afdeling bio verwerking telt momenteel volgende medewerkers:

  • Annick Cnudde
  • Bart Bonroy
  • Bruno Cop
  • Ellen Tavernier
  • Jurgen Byl
  • Jo Jacob
  • Sabine Dekelver (bevallingsverlof)
  • Isabelle Schoepen (tijdelijk afwezig)



    Dan rest er ons alleen nog u het allerbeste voor het jaar 2006 toe te wensen. Dat het een dynamisch en succesvol biologisch jaar mag worden!

    Voor verdere inlichtingen kan u steeds bij uw controleur terecht.



 

Terug naar inhoudsopgave


Omzendbrief voor verwerkers en importeurs- 04/2006

Via deze omzendbrief willen wij u op de hoogte brengen van een aanpassing in de EG verordening 2092/91. Tot voor kort waren enkel verdeling en opslag van onverpakte goederen controle plichtig. Sinds 1 juli 2005 moet echter elke verdelers activiteit en opslag van biologische producten, ook zij die enkel voorverpakte producten verdelen of opslaan, gecontroleerd worden. Dit houdt in dat alle verdelers van biologische producten in het bezit moeten zijn van een hiervoor bestemd certificaat.

Indien u verpakte producten aankoopt en ongewijzigd verkoopt of indien u deze opslaat dient u uw controleur hiervan op de hoogte te brengen via een email (info@blik.be) of via onderstaand invulbriefje, zodat wij het nodige kunnen doen om uw bedrijf hiervoor te certifiëren.

Controle

Blik heeft de opdracht om ook onaangekondigd bij uw bedrijf op controle te komen. Dit kan uiteraard gebeuren op een moment dat u als verantwoordelijke niet aanwezig bent. Daarom is het noodzakelijk dat bij uw afwezigheid ook andere personen op de hoogte zijn van een mogelijk controle bezoek van Blik en ons dan ook de toegang verlenen tot uw bedrijf. Een onaangekondigde controle is enkel een fysieke controle en gaat dus niet over boekhoudkundige documenten. Naast het ons de toegang verlenen tot uw bedrijf, zal uw plaatsvervanger ook gevraagd worden om het controlerapport te ondertekenen. Alvast bedankt om hiermee rekening te houden.

Nieuwe versies van enkele documenten

De voornaamste reden voor de wijzigingen van deze documenten is de controleplicht voor verdelers zoals reeds hierboven werd vermeld. Een ander aspect is het feit dat nu ook geïmporteerde biologische producten of producten met geïmporteerde biologische ingrediënten het Europees logo mogen dragen.

Voor verdere inlichtingen kan u steeds bij uw controleur terecht.

 

Terug naar inhoudsopgave


Omzendbrief voor bio-producenten - 12/2005


1. Gangbare voedermiddelen
We hebben u in onze laatste omzendbrief reeds op de hoogte gebracht van wijzigingen in de wetgeving op Europees niveau. Zo hebben we u gemeld dat vanaf 24/08/2005 het percentage toegelaten gangbare voeders gedaald is van 10% naar 5% op jaarbasis voor herbivoren en van 20% naar 15% voor de andere diersoorten. Op het moment dat we onze brief hebben verzonden was het nog niet duidelijk of de Belgische beperkte lijst van toegelaten gangbare voedermiddelen al dan niet van kracht bleef.
Ondertussen is er meer duidelijkheid over deze lijst. In Vlaanderen is hij namelijk niet meer van toepassing. Dit houdt in dat u als landbouwer een aanvraag kan indienen om de gangbare voedermiddelen uit de Europese bijlage C, punt 1 en 2 te mogen gebruiken. De Vlaamse overheid vraagt wel dat er wordt aangetoond dat er geen biologische alternatieven zijn en dat u ook bewijst dat u ernaar gezocht hebt.

Praktisch gezien houdt dit in dat uw aanvraag volgende zaken moet bevatten:
- De specifieke eigenschappen die u zoekt in het voedermiddel
- Naam en adres van de leveranciers die u gecontacteerd hebt om het voedermiddel onder biologische vorm te bekomen.


2. Dierverhandelingsbon schapen, geiten en herten
Er is een nieuwe dierverhandelingsbon voor schapen, geiten en herten. Na 01/01/2006 is er een nieuwe algemene wetgeving van kracht aangaande transport en transportdocumenten voor schapen, geiten en herten. Na die datum moeten de transporteurs elk transport melden aan hun provinciaal verbond.

Iedere transporteur en veeteler wordt hiervan op de hoogte gebracht door hun verbond. Het verbond in samenwerking met het FAVV hebben daarvoor nieuwe transportdocumenten ontwikkeld.
Om te vermijden dat u voor de verhandeling van schapen, geiten en herten twee verhandelingsbonnen moet invullen werd de biologische bon zodanig aangepast dat hij ook voldoet aan de eisen van het FAVV.
De dierverhandelingsbonnen van Integra worden enkel gebruikt bij het transport van dieren als deze als biologisch afgezet worden. Als u af en toe uw dieren in het gangbare circuit afzet, is het noodzakelijk om toch enkele bonnen bij uw verbond te bestellen zodat u ook voor die transporten in orde bent. Voor vragen omtrent het gebruik van deze nieuwe bon kan u steeds Bert De Caluwe contacteren.

3. Controleurs Biologische landbouw
De afdeling bio-landbouw telt momenteel volgende medewerkers:
- Annick Cnudde
- Bert De Caluwe
- Riki Verbeeck (momenteel in bevallingsverlof)
- Jan Houben
- Geoffroy Cornet

 

Jammer genoeg staat Sophia Guichard niet meer als controleur vermeld. Zij werd ons dit najaar door een tragisch ongeval ontnomen. De leegte die ze als mens en collega achterlaat is niet te vullen. We zullen echter wel al het mogelijke doen opdat de bedrijven waarvoor Sophia de controles ter harte nam, hiervan weinig of geen hinder ondervinden.
Begin 2006 zal er een nieuwe controleur bio-landbouw worden opgeleid, namelijk Yessie Meyer. Yessie werkt reeds enkel jaren bij Integra; tot op heden deed Yessie vooral controles voor EurepGap, Vegaplan en geïntegreerde fruitproductie.


4. Tarieven 2006
De controlekosten voor 2006 kennen een kleine stijging van 2,25% (indexering) t.o.v. de tarieven 2005. In bijlage vindt u de tarieven voor 2006.
Met dit schrijven willen we van de gelegenheid gebruik maken om u even te verduidelijken wat er met uw bijdrage gebeurt. In de tarieven zelf, onder het punt "Betalingsvoorwaarden en algemene condities" vindt u vanaf dit jaar duidelijk vermeld wat er in uw bijdrage inbegrepen is. Daarnaast wil ik u ook informeren over de inspanningen die wij leveren binnen de biologische sector. Er is het regelmatige overleg met het Ministerie van Landbouw en de actoren van de biologische sector en het tussentijdse overleg tussen de controleorganisaties en de overheden van de verschillende regio's. Bovendien is Integra, afdeling Blik ook actief binnen de overlegstructuur van de koepel Bioforum vzw, en dit zowel op Vlaams, Waals als op Nationaal niveau. De overlegvergaderingen gaan o.a. over de evolutie van de wetgeving en het certifiëringssysteem. Uw bijdrage gaat dus ook voor een deel naar het noodzakelijke overleg met de overheden, beroepsorganisaties en de sector. Dit laat ons toe om een constructieve bijdrage te leveren in de evolutie van de wetgeving en als eerste op de hoogte te zijn van eventuele wetswijzigingen. Zodoende kunnen wij u ook op tijd en stond hierover informeren en u dus een betere service verlenen.


5. Andere certifiëringssystemen
Met dit schrijven willen wij u er aan herinneren dat u bij ons ook terecht kan voor de volgende certifiëringssystemen:
Eurep - info bij Mira Verherbruggen
IKKB - Vegaplan - info bij Gerda Quirijnen

In de mate van het mogelijke kunnen wij u deze controles aanbieden in combinatie met uw controle bio-landbouw, wat uiteraard een prijsvoordeel betekent. Voor verdere informatie kan u terecht op het centrale telefoonnummer waar u naar de betreffende persoon kan vragen.

Dan rest er ons alleen nog u het allerbeste te wensen voor 2006. Dat het een vruchtbaar en succesvol jaar mag worden.

Vriendelijke groeten

Bert De Caluwe Hilde Van Duffel
Certifiëringsverantwoordelijke biologische landbouw Algemeen Coördinator
Integra, Afdeling Blik Integra, Afdeling Blik

Terug naar inhoudsopgave



Aan alle verkooppunten onder controle bij Integra, afdeling Blik.

Lastenboek Biogarantie

Inmiddels is er een nieuwe versie van het Biogarantie-lastenboek uitgebracht in januari 2005. U vindt dit lastenboek in bijlage.
- Op pagina 24 & 25 van deze nieuwe versie vindt u de normering ivm de identificatie van bioproducten in de winkel. Aan deze normering is niets gewijzigd tov de vorige versie van het lastenboek van april 2004.
- Pagina 26 en 27 handelen over de normering aangaande een 100% bio verkooppunt. In deze normering zijn wel wijzigingen aangebracht voor wat betreft de toelatingsvoorwaarden van de groepen.

De Europese wetgeving 2092/91 en haar wijzigingen

De Europese Verordening 2092/91 handelt over de biologische productiemethode & aanduidingen dienaangaande op landbouwproducten & levensmiddelen. In een laatste wijziging van deze wetgeving worden specifieke normen omschreven waaraan verkooppunten moeten voldoen die producten verkopen afkomstig van de biologische productiemethode. De lidstaten mogen verkooppunten die rechtstreeks verkopen aan de eindconsument vrijstellen van deze wetgeving. Voor België lopen er hier omtrent besprekingen tussen de verschillende gewesten. Het zal hoogstwaarschijnlijk zo zijn dat verkooppunten die uitsluitend voorverpakte producten verkopen zich niet verplicht onder controle moeten stellen. Voor wat betreft de verkoop van producten in bulk zal het wellicht zo zijn dat er een vrijstelling is voor die verkooppunten waarvan het aankoopcijfer van het aandeel biologische bulkproducten kleiner is dan € 5000. Van zodra de Belgische wetgeving duidelijk is omtrent de normering over deze zaken zal Integra u hiervan snel op de hoogte brengen.

De originele tekst van de Europese wetgeving 2092/91 en haar wijzigingen kan u opvragen bij Blik, afdeling van Integra.


Tarieven

De tarieven voor verkooppunten werden t.o.v. 2005 met 2,25 % verhoogd als gevolg van een verhoging van de index.


Andere certifiëringsdomeinen

Integra kan u ook andere certifiëringssystemen aanbieden dan deze van de biologische productie. Het gaat hier o.a. om de volgende systemen:
- HACCP: Hazard Analysis Critical Control Point, een certifiëringssysteem in de voedingssector dat hoofdzakelijk voedselveiligheid garandeert
- BRC & IFS: kwaliteitssystemen voor de verwerkende industrie die vooral betrekking hebben op hygiëne, traceerbaarheid en voedselveiligheid
- EurepGAP: een Europees certifiëringssysteem op land- en tuinbouwniveau dat normering bevat over hygiëne, traceerbaarheid, voedselveiligheid, milieu- en arbeidsomstandigheden
-IKKB: Een kwaliteitszorgsysteem voor enerzijds telers en anderzijds loonwerkers dat zich richt op teelt, bewaring en transport van aardappelen, groenten en fruit voor de handel en industrie volgens de goede agrarische praktijk. In 2006 worden wellicht volgende productgroepen toegevoegd: suikerbieten, cichorei, granen, voedergewassen.


Controleurs

Ten slotte willen we u melden dat momenteel de volgende controleurs te uwer beschikking staan:

- Jan Houben (0495/937031)
- Ellen Tavernier (0496/505099)
- Gerda Quirijnen (0495/250524)

Terug naar inhoudsopgave


Omzendbrief voor bio-producenten - 03/2005

Naar jaarlijkse gewoonte sturen we u in bijlage de “hernieuwing erkenning 2005” toe. Op basis van deze gegevens kunnen wij uw certificaat voor 2005 opmaken en toesturen. Zoals u weet, worden deze gegevens ook doorgegeven aan de diensten van het Ministerie van Landbouw die de bio-premies uitbetalen. Voor een vlot verloop van de premie-uitbetaling is het belangrijk dat de gegevens uit de premieaanvraag overeenstemmen met de gegevens die u aan BLIK doorgeeft. Om de steeds wederkerende uitbetalingsproblemen te vermijden en om de perceelsregistratie zowel voor u als voor ons te vereenvoudigen, willen wij onze perceelsregistratie afstemmen op de oppervlakteaangifte. Zodoende kan een kopie van het oppervlakteaangifteformulier ook gebruikt worden als perceelsaangifte bij Blik. Om dit mogelijk te maken hebben wij onze perceelsnummering aangepast aan de nummering zoals die wordt weergegeven volgens de oppervlakteaangifte 2004. U zult dan ook merken dat in de bijgevoegde perceelslijst 2 nummeringen gehanteerd worden. We verzoeken u om aandachtig na te kijken of de perceelsnummers juist gekoppeld zijn en indien nodig ze te verbeteren. Meer uitleg hierover vindt u onder de rubriek ‘perceelslijst’ in de hernieuwing erkenning.

Wegens deze afstemming op de oppervlakteaangifte hebben we de termijn voor het indienen van de hernieuwing erkenning verlengd tot 1 mei 2005. Niettemin willen wij u vragen de documenten van de hernieuwing erkenning evenals een kopie van uw ingevulde oppervlakteaangifte 2005 zo spoedig mogelijk terug te sturen zodat we snel uw certificaat 2005 kunnen opmaken. Daar de certificaten van 2004 slechts geldig zijn tot 31 maart 2005 vindt u in bijlage ook een attest dat de geldigheid van uw huidige certificaten 2 maanden verlengt.

Verder is er ook een lichte wijziging wat betreft het luik ‘veeteelt’ van de hernieuwing erkenning. In de tabel waar de veebezetting dient ingevuld te worden, is er voor de categorieën vleesvarkens, slachtkippen en lammeren een onderscheid gemaakt in “het aantal verkochte dieren per jaar” en “het gemiddelde aantal aanwezige dieren op het bedrijf”.

We vestigen uw aandacht op het feit dat ook de veebezettingsgegevens van de dieren die niet-biologisch worden gehouden, moeten ingevuld worden in de daartoe voorziene kolom.

Tot slot willen we van deze brief gebruik maken om u volgende informatie mee te geven:

1. Aanpassing van de wetgeving

Sinds 1 januari 2005 is EG Verordening 2254/2004 van kracht geworden die bijlage I van EG Verordening 2092/91 wijzigt.
Concreet samengevat, houdt deze Verordening wijzigingen in m.b.t. de voorwaarden waaronder gangbare poeljen mogen binnengebracht worden in een biologisch bedrijf. In tegenstelling tot het verleden mogen vanaf 1 januari 2005 slechts gangbare poeljen worden opgezet die niet ouder zijn dan 3 dagen en mits op voorhand ontheffing wordt aangevraagd aan de controleorganisatie.
De mogelijkheid om gangbare poeljen niet ouder dan 6 weken binnen te brengen in een biologisch bedrijf bestaat enkel nog als er geen biologische poeljen beschikbaar zijn en als het Ministerie van Landbouw hiervoor toestemming geeft.

Deze laatste afwijking wordt bovendien nog strenger na 31/12/2005. Dan moeten de poeljen immers reeds vanaf dag 3 voldoen aan de paragrafen 4) en 5) van bijlage 1B van EG verordening 2092/91. Deze paragrafen hebben betrekking op ‘voeders’ en “preventie van ziektes en diergeneeskundige behandelingen”. De poeljen dienen dan vanaf dag 3 biologische voeders te krijgen en de bioregelgeving dient gerespecteerd te worden wat betreft diergeneeskundige behandelingen.

EG Verordening 2254/2004 stelt verder ook een einddatum vast, nl. 31 juli 2006, waarop de mogelijkheid verstrijkt om gangbare biggen binnen te brengen die bestemd zijn voor de fokkerij, voor het aanvullen of vernieuwen van de veestapel (punt 3.6 van bijlage 1B).


2. IKKB

Integra, de organisatie waar Blik deel van uitmaakt, is actief in de controle van het IKKB lastenboek (Integrale Keten Kwaliteit Beheer), dat in 2004 van start is gegaan. Dit lastenboek is van toepassing voor groenten, aardappelen en fruit, zowel met bestemming versmarkt als industrie. Het is een gezamenlijk initiatief van de gehele sector van de plantaardige productie, de landbouwersorganisaties en de verwerkende sector, verenigd in Vegaplan vzw. Bedoeling van dit systeem is het garanderen van de voedselveiligheid van de plantaardige sector en het beantwoorden aan de vereisten van het Federaal Voedselagenschap inzake autocontrole. In de toekomst wordt dit lastenboek uitgebreid naar alle sectoren van de plantaardige productie: granen, suikerbieten, cichorei,…
Wil u meer informatie over dit systeem, neem dan contact op met Gerda Quirijnen bij Integra.

3. IKM

Vanaf maart 2005 kan Integra in Vlaanderen ook controles uitvoeren volgens het IKM lastenboek.
Integrale Kwaliteitszorg Melk is een kwaliteitsborgingsysteem voor de melkveehouderij. De normen werden opgesteld door de vzw IKM Vlaanderen, waarin alle actoren van de zuivelsector vertegenwoordigd zijn. Een gecombineerde controle op IKM en de biologische regelgeving kan gebeuren aan een voordelig tarief.
Voor meer informatie hieromtrent kan u contact opnemen met Bert De Caluwe.

4. Zaaizaden

Zoals u weet is het verplicht om biologisch zaaigoed en pootgoed te gebruiken wanneer dit beschikbaar is. Er kan echter zoals vorig jaar nog steeds ontheffing aangevraagd worden voor het gebruik van gangbaar niet-ontsmet zaaigoed indien voor de gewenste teelt geen rassen beschikbaar zijn in bio of indien de rassen die wel beschikbaar zijn in bio niet voldoen aan uw behoefte. In beide gevallen moet u een aanvraag voor ontheffing richten aan Blik door het ontheffingsformulier in te vullen dat hiertoe voorzien is (u vindt een exemplaar in bijlage).
In bijlage vindt u ook de Belgische lijst met rassen waarvan vastgesteld is dat er voldoende biologisch aanbod is. Voor deze rassen zal er geen ontheffing meer verleend worden. Alleen in enkele bijzondere gevallen is een ontheffing voor het gebruik van gangbaar zaaigoed van de rassen in deze lijst nog mogelijk.

5. Controleurs en administratief medewerker

Ten slotte willen we u melden dat nog steeds de volgende controleurs te uwer beschikking staan:
- Bert De Caluwe
- Jan Houben
- Sophia Guichard
- Riki Verbeeck
- Geoffroy Cornet
- Annick Cnudde

Voor administratieve vragen en vragen over facturatie kan u terecht bij Ann Geenen.

Dan rest er ons alleen nog u het allerbeste voor het jaar 2005 toe te wensen. Dat het een vruchtbaar en succesvol biologisch jaar mag worden.

Bijlage

Belgische lijst van rassen met voldoende biologisch aanbod

Voor rassen die behoren tot de gewassubgroepen vermeld in onderstaande tabel, kan enkel in volgende bijzondere gevallen ontheffing verleend worden.

1. Voor onderzoeksdoeleinden in het kader van kleinschalige veldproeven, met toestemming van het Ministerie van Landbouw;
2. Voor het verbouwen van zeldzame rassen uit instandhoudingprogramma’s, met toestemming van het Ministerie van Landbouw.

Latijnse benaming Gewas Gewas subgroep
Allium sativum L Knoflook wit
Allium sativum L Knoflook rood
Brassica, diverse species Raapsteel niet gespecifieerd
Cichorium intybus L Radicchio rosso Vroeg – type Chioggia
Cichorium intybus L Radicchio rosso Zomer – type Chioggia
Cichorium intybus L Radicchio rosso Herfst – type Chioggia
Cichorium endivia L Andijvie Breedbladig – zomer
Cichorium endivia L Andijvie Breedbladig – herfst
Cichorium endivia L Andijvie Krul – zomer
Cichorium endivia L Andijvie Krul – herfst
Cichorium endivia L Andijvie Breedbladig – kas/vroeg
Cichorium endivia L Andijvie Krul – kas/vroeg
Claytonia perfoliata Winterpostelein Niet gespecificeerd
Cucumis sativus L Komkommer(augurk) Zomer
Portulaca oleracea L Zomerpostelijn Niet gespecificeerd

 

Terug naar inhoudsopgave


Omzendbrief voor bio-producenten - 12/2004.

Plantgoed uit Nederland

Afgelopen jaar hebben een aantal groentetelers in Vlaanderen ons gecontacteerd met de vraag om een ontheffing te krijgen voor het gebruik van gangbaar zaaizaad. Belgische telers die gebruik wensen te maken van gangbaar zaad dienen hiervoor inderdaad bij hun controleorganisme ontheffing aan te vragen. In bepaalde gevallen was het echter de Nederlandse plantenkweker die biologisch plantgoed opkweekt en aan Belgische telers levert, die gangbaar zaaizaad wilde gebruiken. Volgens de Nederlandse controleorganisatie SKAL was het niet aan de plantenkweker om ontheffing aan te vragen

De interpretatie van het Nederlandse Ministerie is immers dat de teler die het plantje aankoopt aanzien wordt als de gebruiker van het gangbare zaaizaad en daarom ook de ontheffing moet aanvragen. De interpretatie van het Vlaamse Ministerie was echter dat de Belgische teler een gecertificeerd biologisch product aankoopt en dat diegene die het bio-product produceert er voor dient te zorgen dat aan alle voorwaarden wordt voldaan om deze certificering te bekomen. Het Vlaamse Ministerie ziet dus de Nederlandse plantenkweker als gebruiker van het gangbare zaaizaad.

Beide Ministeries blijven bij hun standpunt wat als consequentie heeft dat de Belgische controleorganisaties geen ontheffing meer mogen geven voor het gebruik van gangbaar zaaizaad dat door de Nederlandse plantenkweker wordt aangekocht voor de opkweek van biologisch plantgoed. Ook Skal mag geen ontheffing geven aan de plantenkweker omdat die niet aanzien wordt als gebruiker van het zaaizaad.
In de praktijk komt het er dus op neer dat er enkel plantgoed uit Nederland zou kunnen worden aangekocht als dit bekomen is met biologisch zaaizaad.

De enige manier om biologisch plantgoed (afkomstig van gangbaar zaaizaad) uit Nederland aan te kopen is dat de Nederlandse plantenkweker gaat werken als loonwerker in dienst van de Belgische teler. Deze constructie werkt als volgt:
Indien er geen biologisch zaaizaad ter beschikking is voor de planten die u wenst te gebruiken vraagt u aan uw controleorganisatie ontheffing aan voor de aankoop van gangbaar zaaizaad. U koopt dan het zaaizaad aan en stelt dit ter beschikking van de Nederlandse plantenkweker die dan het zaaizaad opkweekt tot een biologisch plantje. U zult dan twee facturen moeten kunnen voorleggen tijdens controle; namelijk de aankoopfactuur van het zaaizaad en een factuur van de Nederlandse plantenkweker voor het opkweken van uw planten.

Dit probleem zal bij de Europese commissie worden voorgelegd. Beide Ministeries, Vlaanderen en Nederland, hebben al verklaard zich neer te leggen bij een uiteindelijke beslissing van de Europese commissie.

Meldingsplicht

Langs deze weg willen wij een punt uit de wetgeving nog even onder uw aandacht brengen. Begin 2003 werd Bijlage 3 van de EG verordening 2092/91 aangepast. Deze bijlage regelt vooral de controle-eisen rondom het biologisch produceren.
Één punt uit deze bijlage stelt dat u als biologisch producent een verantwoordelijkheid heeft aangaande producten die via u of door u of aan u als biologisch verhandeld worden. Wanneer u op een gegeven moment twijfelt aan de biologische kwaliteit van deze producten dient u onmiddellijk deze producten te blokkeren en Blik te verwittigen. Pas wanneer er duidelijkheid is over de kwaliteit van deze producten kunnen ze eventueel terug verhandeld worden.
Op deze manier helpt u zelf mee om de handel in biologische producten te vrijwaren van misbruiken. Bij twijfel is het altijd aangewezen om Blik te verwittigen.


Tarieven 2005

De controlekosten voor 2005 zijn geïndexeerd met als gevolg een licht stijging van 2% ten opzichte van 2004.

 

Terug naar inhoudsopgave


Omzendbrief voor bio-importeurs en verwerkers - 12/2004.


Tarieven 2005

De controlekosten voor 2005 kennen een kleine stijging van 2% (indexering) t.o.v. de tarieven 2004.

BioFach 2005

In het voorjaar van 2005 (24-27 februari 2005) vindt de jaarlijkse BioFach beurs plaats te Nürnberg (Duitsland). Zoals u wellicht weet, is BioFach wereldwijd de grootste vakbeurs voor de biologische sector. Dit keer zal Integra aanwezig zijn met een beursstand, waar wij u uiteraard van harte zullen verwelkomen. Wij bieden aan onze geïnteresseerde bedrijven graag een uitnodiging voor deze beurs aan. U neemt hiervoor best contact op met Ellen Tavernier (op ellen.tavernier@integra-bvba.be of 03/287 37 60); op eenvoudige vraag krijgt u dan van ons een uitnodiging toegestuurd, die u ter plaatse kunt inruilen voor een toegangskaart en programmaboekje.

Controle van opslag en verdeling van biologische producten

In februari 2004 werd een nieuwe EG verordening gepubliceerd (EG 392/2004), die de reeds bestaande EG verordening voor de biologische productie EG 2092/91 verder uitbreidt. Hierin wordt o.a. vastgelegd dat de controle in de biologische productieketen verder wordt uitgebreid naar bedrijven die biologische producten opslaan en verdelen. Deze verdelers en stockeerders zullen zich met ingang van 1 juli 2005 aan het controlesysteem dienen te onderwerpen. Wij houden u hier uiteraard in de loop van de komende maanden verder van op de hoogte.

Ecogarantie

In de schoot van de Biogarantie vzw werd enige tijd geleden een nieuw lastenboek ontwikkeld, het Ecogarantie lastenboek. Dit lastenboek beschrijft de regels en normen voor de controle en de certifiëring van ecologische producten. Op dit moment zijn cosmetica hierin reeds opgenomen; op termijn zullen nog de volgende categorieën toegevoegd worden: was- en reinigingsproducten, zeezout en mijnzout, en water. Indien u hier interesse voor hebt of indien u meer inlichtingen wenst, kunt u steeds contact opnemen met uw controleur. Voor een exemplaar van het Ecogarantie lastenboek neemt u best contact op met Biogarantie (op www.biogarantie.be , tel 078/151 152 of tel 016/47 01 98 en fax 016/47 01 99).

Controleurs

Ten slotte willen we u melden dat de volgende controleurs te uwer beschikking staan:

• Annick Cnudde
• Bruno Cop
• Ellen Tavernier
• Jurgen Byl
• Jo Jacob
• Sabine Dekelver
• Isabelle Schoepen

Terug naar inhoudsopgave


Wijziging in de Belgische lijst van erkende gewasbeschermingsmiddelen - 03/2004


Er is een wijziging in de Belgische lijst van erkende gewasbeschermingsmiddelen die invloed heeft op de biologische productie. Deze wijziging vindt u terug in Lijst B, de toegelaten gewasbeschermingproducten:

- Ijzertrifosfaat, een mollusciscide, mag gebruikt worden als een aan de oppervlakte tussen de planten te dispergeren bereiding (dit valt onder punt III bis van lijst B in de toelichting bij de wetgeving voor landbouwers inzake de plantaardige biologische productie).

Sinds kort zijn er twee producten erkend in België met als actieve stof “ijzertrifosfaat”, namelijk Ferramol en Escar-go. Deze producten kunnen dus gebruikt worden in de biologische landbouw.

 

Terug naar inhoudsopgave


 

 

 

 

 

 

 

 

  home